
Al op jonge leeftijd heeft zij (Nathalie Rietman) besloten dat zij ooit aan de basis zou staan van de opvang van jonge kinderen in een kindertehuis. Naarmate zij ouder werd, werd het idee steeds sterker, al wist zij nog niet direct hoe zij het idee precies vorm zou kunnen geven.
Toen zij 18 was, en aangestoken door het reisvirus dat haar over een groot deel van de wereld heeft gedreven, kreeg zij het beeld dat haar kennis en inzet meer vruchten zouden kunnen afwerpen in het buitenland, en dan bedoelt zij vooral de landen met een mindere welvaart dan waar wij in Nederland aan gewend zijn. Allereerst is de groep kansarme kinderen daar groter, waardoor de behoefte aan hulp nog duidelijker roept. Daarnaast kun je in die landen tegen relatief lagere kosten een grotere groep kinderen helpen.
Voor haar studie Tropisch Landgebruik aan de Universiteit van Wageningen heeft zij uitgebreide stages gelopen in Latijns Amerika. Zij kwam tot de conclusie dat zij voor kansarme kinderen juist in die omgeving veel zou kunnen betekenen.
Uiteindelijk heeft zij besloten dat zij haar plan wil doorzetten in Cartagena, Colombia. Doordat zij daar bekend is in de omgeving heeft zij kunnen waarnemen dat de opvang voor kansarme kinderen daar weinig organisatie kent. In Colombia worden dagelijks kansarme kinderen door de politie van de straat geplukt en voor een tijdje vastgezet.
Om de realisatie van haar plan kracht bij te zetten is ze een tijd gaan werken in een kinderdagverblijf, zodat ze ervaring op kon doen op het gebied van de ontwikkeling van kleine kinderen. Tenslotte is zij aan de universiteit van Nijmegen Internationale ontwikkelingsstudies gaan doen om haar kennis op het gebied van ontwikkelingssamenwerking te verbreden.
In september 2003 is zij teruggegaan naar Cartagena, om te kijken wat de mogelijkheden voor een kindertehuis daar nou concreet zijn. Op 22 april 2005 heeft zij de Nederlandse Stichting “La Vecina” opgericht.








